vrouw winkelt online op telefoon
Overig

Nederlandse woonboulevards kampen met een groeiend probleem

De Nederlandse woonboulevards kampen met een groeiend probleem: jongeren blijven weg. Terwijl ouderen nog steeds trouwe bezoekers zijn van deze meubelboulevards, kiezen jongere generaties massaal voor andere kanalen om hun woningen in te richten.

Op zaterdagmiddag bij Woonboulevard Alexandrium in Rotterdam is het patroon duidelijk zichtbaar. Echtparen van middelbare leeftijd en senioren slenteren langs de showrooms, terwijl twintigers en dertigers nauwelijks te bekennen zijn. “We zien een duidelijke vergrijzing van ons klantenbestand”, bevestigt Marcel Janssen, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Woonboulevards (NVW). “De gemiddelde leeftijd van onze bezoekers is in vijf jaar tijd gestegen van 42 naar 51 jaar.”

Online alternatieven winnen terrein

De oorzaak ligt voor een groot deel bij de opkomst van online alternatieven. Jonge consumenten kopen hun meubels en woonaccessoires liever via webshops en apps. “Ze oriënteren zich via sociale media, laten zich inspireren door influencers en bestellen vervolgens met een paar klikken,” legt retaildeskundige Annemieke Vos uit. “De traditionele ronde langs verschillende winkels op een woonboulevard past niet meer bij hun levensstijl.”

Daarnaast speelt ook de veranderende woonsituatie een rol. Door de krappe woningmarkt wonen veel jongeren langer in kleine appartementen of kamers. “Voor een studio van 30 vierkante meter heb je andere behoeften dan voor een eengezinswoning”, aldus Vos. “Modulaire, multifunctionele en ruimtebesparende meubels zijn populair, en die vind je niet altijd in de traditionele meubelzaken.”

Woonboulevards zoeken naar oplossingen

De sector zoekt naarstig naar manieren om het tij te keren. Sommige woonboulevards experimenteren met conceptstores gericht op kleine woningen, pop-up shops van online merken en ‘experience centers’ waar bezoekers producten kunnen uitproberen voordat ze online bestellen.

Woonboulevard Heerlen heeft een speciale ‘jongerenvleugel’ ingericht. “We merken dat jongeren wel degelijk interesse hebben in fysiek winkelen, maar dan moet de ervaring anders zijn,” vertelt centrummanager Peter Smeets. “We bieden workshops aan over interieurontwerp, hebben een koffiecorner met werkplekken en organiseren regelmatig evenementen.”

Of deze initiatieven voldoende zijn om jongeren terug te lokken, blijft de vraag. “De woonboulevard zoals we die kennen, past bij een bepaalde generatie en een bepaalde manier van consumeren,” zegt Vos. “Willen ze overleven, dan moeten ze fundamenteel veranderen. Anders blijven ze afhankelijk van een vergrijzend publiek, en dat is op termijn geen houdbare situatie.”